Demo e-learning

BASISCURSUS DIABETES BIJ EEN KIND: THEORIE – HOOFDSSTUK 1 (demo)

Begrippen uit dit hoofdstuk

Diabetes mellitus
Een ziekte van het stofwisselingssysteem waarbij er sprake is van verhoogde bloedglucosespiegels door een absoluut of relatief tekort aan insuline.

Insuline
Het hormoon dat zorgt dat cellen glucose uit het bloed kunnen opnemen. Zonder insuline kan glucose de cel niet in.

Glucose
De voornaamste brandstof in het lichaam die cellen gebruiken als energiebron. Zonder insuline kan glucose de cel niet in, dus kan de cel deze ook niet verbranden, en kunnen de organen en spieren niet goed functioneren. Hiernaast wordt de glucosespiegel in het bloed veel te hoog, wat op korte en lange termijn schadelijk is voor het lichaam.

Diabetes mellitus

Deze cursus is gericht op het leven met diabetes type 1, en op de kennis die in het dagelijks leven nodig is om de behandeling toe te kunnen passen.

Diabetes mellitus is een verzamelnaam van ziektes van het stofwisselingssysteem waarbij de bloedglucosespiegels verhoogd zijn. Dit komt doordat de brandstof ‘glucose’ niet vanuit het bloed kan worden opgenomen in de lichaamscellen. Dit wordt veroorzaakt door een tekort aan insuline. Insuline is namelijk onmisbaar bij de verwerking van glucose.

Bij type 1 diabetes (T1DM) is er een absoluut tekort aan insuline en bij type 2 diabetes (T2DM) is er een relatief tekort aan zelfgemaakte insuline. Het hormoon insuline wordt door de pancreas oftewel de alvleesklier geproduceerd.

Als de glucose niet of niet voldoende kan worden opgenomen in de cellen stijgt het gehalte aan glucose in het bloed. Omdat een hoog glucosegehalte in het bloed slecht is voor het lichaam drijft het lichaam de overtollige glucose af via de urine. Die glucose houdt water vast, waardoor het symptoom van veel plassen ontstaat. De urine wordt tevens zoet (en plakkerig).

De zoete urine is het voornaamste symptoom van de ziekte. Vandaar zijn Griekse wetenschappelijke naam Diabetes Mellitus die “honingzoete doorloop” betekent. Nu is duidelijk waarom diabetes ook wel suikerziekte wordt genoemd.

De behandeling van diabetes is in alle gevallen gericht op het creëren van de balans tussen de glucose en de insuline. Dat is een doorlopend proces, dag in dag uit. Eigenlijk gaat het om het beheersen van de omstandigheden om op die manier de bloedglucosespiegel in de marges te hebben waarbinnen je goed kunt functioneren. Dat komt in de praktijk neer op het voorkomen van ontregelingen waar men zich vervelend bij gaat voelen of complicaties van kan krijgen. Alhoewel een glucose tussen de 4 en 8 mmol/L (70-140mg/dl) normaal is, is voor de behandeling internationaal afgesproken te proberen de bloedglucoses zoveel mogelijk tussen de 4 en 10 mmol/L (70-180 mg/dl) te krijgen. Behalve voeding en insuline zijn er andere factoren die hier ook een rol bij spelen. Namelijk lichamelijke activiteit, ziekte, koorts, stress en omgevingsfactoren.

Demo cursus e-learning: vraag 1
Vraag: Diabetes mellitus wordt gekenmerkt door: *

Zonder insuline kan een mens niet leven. Een tekort of te veel aan insuline leidt tot klachten op de korte termijn. Langdurige hoge glucosewaarden kunnen leiden tot complicaties op de lange termijn, zoals slecht zien, hart en vaatziekten, vermindering van doorbloeding en andere vaatschade.

Naar genezing van type 1-diabetes wordt veel onderzoek gedaan, maar is momenteel nog niet echt mogelijk. Bij type 2-diabetes (waar we het in deze cursus verder niet over hebben) kan de diabetes enigszins worden teruggedrongen door een verbetering van leefstijl.

Probleem

Het bereiken van en het proberen te behouden van het juiste evenwicht van insuline en bloedglucose vraagt veel inspanning. Dat vereist specifieke kennis. Voor kinderen is dat complex omdat:

  • Kinderen het nog volledig niet kunnen begrijpen
  • Kinderen kunnen de handelingen nog niet
  • Als ze de handelingen kunnen, kunnen ze de context vaak nog niet begrijpen. Overleg met de aanwezige volwassenen is altijd nodig
  • Kinderen zijn in de groei, en hebben in het algemeen geen regelmatig leefpatroon. Hierdoor is er vaak geen stabiele instelling. De vragen “Is de diabetes al ingeregeld?” en “Wanneer is je kind stabiel?” getuigen van onbegrip van de aandoening en zijn zelfs erg belastend voor ouders en kind
  • Een kind heeft om evenwichtig op te groeien ook bevestiging, een positieve omgeving en een gezond zelfbeeld nodig.

 

Doel van de diabetesbehandeling

Voortaan draait alles om een bepaalde waarde in het bloed: de bloedglucose. Dat is belangrijk voor de gezondheid en de groei nu, en op de lange termijn.

  • Normoglycaemie = een normale bloedglucose . Dit is tussen 4 en 8 millimol per liter ( afgekort mmol/L of 70-140 milligram per deciliter (afgekort mg/dl) ( in Nederland rekenen we glucose in mmol/l in veel andere landen mg/dl. 1 mmol/l is 18 gram per dl)
  • Normale lichamelijke groei
  • Afwezigheid van acute ontregelingen
  • Voorkomen van complicaties op de lange termijn.

De rol van schoolmedewerkers, oppassers en naasten is vooral ‘momentmanagement’: zorg dat dit moment en de komende uren veilig zijn.